InfoNu.nl > Zakelijk > Juridisch > Diverse mensenrechten in het EVRM

Diverse mensenrechten in het EVRM

Een aantal mensenrechten in het EVRM kunnen kort worden besproken. Dit betekent niet dat zij minder belangrijk zijn, of dat zij minder rechtspraak opleveren. In sommige gevallen is het recht gewoon van minder belang, omdat de situatie in België reeds conform het recht is. Toch blijft opmerkzaamheid geboden, omdat heel wat rechten onderworpen zijn aan en verrijkt worden door een evolutieve interpretatie.

Het verbod van foltering en onmenselijke of vernederende straffen of behandelingen

Relevante artikelen: art. 3 EVRM en art. 7 IVBPR
Het gaat om vormen van ernstige fysieke of psychische mishandelingen. Er is een gradatie: een foltering is erger dan een onmenselijke of vernederende behandeling.
Bij ons zorgt dit recht voor zeer weinig problemen, behalve wanneer het gaat om de rechten van gedetineerden. Op dat vlak wordt België vrij vaak op de vingers getikt. We zijn – helaas – wat dat betreft niet de enigen.

Het verbod op slavernij en dwangarbeid

Relevante artikelen: art. 4 EVRM en art. 8 IVBPR
Deze rechten zijn eerder een historisch overblijfsel.
Eventueel zou men naar de toekomst toe problemen van menshandel kunnen catalogeren als een tekort schieten van de overheid aan haar positieve verplichting; hoewel dit nog zeer onduidelijk is.

Het recht op vrijheid van beweging en verblijf

Beginsel

Relevant artikel: art. 12 IVBPR
Men mag vrij rondlopen, en vrij zijn woning kiezen.

Uitzonderingen

  • Er is een beperking voor vreemdelingen, voor w.b. uitwijzingen enz. Men dient reke-ning te houden met de grondrechten van de vreemdelingen, o.a. met hun recht op familieleven.
  • Een andere speciale categorie die bescherming geniet zijn de vluchtelingen. Voor-waarde is wel dat zij politieke vluchtelingen zijn, dit betekent dat zij hun land van oor-sprong ontvlucht zijn omdat zij daar vervolgd worden, of omdat er objectieve redenen zijn om te geloven dat zij daar vervolgd zullen worden. Volgens het Vluchtelingen-verdrag hebben zij het recht om zich bij een ander land aan te melden en opge-vangen te worden. Economische vluchtelingen worden evenwel niet aanvaard. Dit betekent dat de meeste vluchtelingen worden afgewezen en uitgewezen.

Het recht op erkenning als persoon

Relevant artikel: art. 16 IVBPR
Iedereen moet erkend worden als drager van rechten en plichten. Er zijn met andere woorden geen vogelvrijverklaarden e.d. meer.
Deze bepaling ligt in dezelfde lijn van het archaïsch geformuleerde art. 18 van onze grondwet, dat bepaalt dat de burgerlijke dood is afgeschaft. Dit was vroeger een straf: men verloor al zijn rechten.
Het is evenwel zo dat bepaalde veroordeelden bepaalde rechten kunnen verliezen.

De vrijheid van gedachten, geweten en godsdienst

Algemeen

Dit grondrecht behoort tot de klassieke rechten die in vele internationale verdragen staan.
Art. 9 EVRM
Art. 18 IVBPR
Dit recht is eveneens opgenomen in de Belgische grondwet. In 1831 was België een uitgesproken katholiek land. Toen wilde men het katholicisme beschermen in het kader van de nieuwe staat.
Art. 19 GecGW stipuleert de vrijheid van eredienst, en de vrijheid om op elk gebied zijn mening te verkondigen. Dit omvat enerzijds het verbod van preventieve maatregelen, maar anderzijds ook de mogelijkheid om achteraf op te treden tegen misdrijven.

Art. 20 GecGW stelt dat niemand kan gedwongen worden om aan bepaalde handelingen of aan bepaalde rustdagen van een godsdienst deel te nemen.
In verband met het Te Deum, dat vroeger verplicht was voor alle gevestigde machten van dit land, oordeelde het Hof van Cassatie vrij merkwaardig dat dat geen officiële eredienst was, maar een gewoon feest ter ering van het koningshuis, dat toevallig in een kerk plaats vond.

Art. 21 GecGW stelt dat de staat niet het recht heeft om zich in te laten met de benoeming of de installatie van de dienaars van de eredienst. In feite is de negatieve verplichting ruimer: op de staat rust een verbod om zich in te mengen in de interne organisatie van de kerk.

Bijzondere kenmerken betreffende de verhouding tussen kerk en staat in België

Dit onderdeel behandelt een aantal specifieke bepalingen uit de Belgische grondwet, die dus over het algemeen niet gelden in andere landen.

Art. 181,1° GecGW stipuleert dat de staat de wedden en pensioenen van de pastoors enz. van de verschillende godsdiensten dient te betalen. Dat geldt natuurlijk niet ten voordele van gelijk welke godsdienst, slechts de (op dit ogenblik zes) erkende godsdiensten komen hiervoor in aanmerking.
Men kan zich afvragen of dit niet in strijd is met de scheiding tussen kerk en staat. Wanneer de godsdienst de steun aannemen, staan zij expliciet of impliciet een zekere controle toe.
Sinds kort (1993) past men hetzelfde systeem toe voor de afgevaardigden van de (erkende!) morele organisaties in de niet-confessionele sfeer. Concreet gaat het dan over de vrijzinnigen.

De vrijheid van vergadering

Ook dat is één van die klassieke vrijheden, geregeld in:
Art. 11 EVRM
Art. 21 IVBPR
Art. 26 GecGW

De grondwet garandeert het recht om vreedzaam en ongewapend te vergaderen, en ook hier wordt het verbod van preventieve maatregelen ingesteld. Achteraf kan men echter altijd een zekere controle doorvoeren.
Art. 26, 2° GecGW stelt evenwel dat deze vrijheid niet van toepassing is op bijeenkomsten in open lucht (betogingen…). Deze zijn volledig onderworpen aan de politiereglementen. De gemeentelijke overheid is steeds bevoegd om te stellen dat een voorafgaandelijke toe-stemming voor dergelijke bijeenkomsten verplicht is. De burgemeester mag dit niet verbieden, maar is wel bevoegd om de modaliteiten te regelen, zodanig dat de orde-handhaving verzekerd is.

De vrijheid van vereniging

Art. 11 EVRM
Art. 22 IVBPR
Art. 27 GecGW

Een vereniging is meer permanent dan een vergadering. Het onderstelt een gestructureerde groep. Elke privaatrechtelijke groepering kan beschouwd worden als een vereniging. Een belangrijke soort verenigingen waarbij vaak dit recht ter sprake komt, zijn de vakverenigingen.
Ook dit recht kan niet aan preventieve maatregelen onderworpen worden in België.

Naar inhoud onderscheidt men twee aspecten.
Het individu heeft een positieve vrijheid, dit is de vrijheid van het individu om verenigingen op te richten en om zich aan te sluiten bij verenigingen.
Het individu heeft ook een negatieve vrijheid, dit is de vrijheid van het individu om zich niet aan te sluiten bij een bepaalde vereniging. Dit is dus het verbod van de overheid om dwang uit te oefenen om zich wel of niet aan te sluiten bij een bepaalde vereniging. Ook hier weer speelt het belang voor de vakverenigingen.

Er zijn ook een aantal uitzonderingen. Een aantal beperkingen zijn mogelijk, mits zij beantwoorden aan de voorwaarden gesteld in art. 8, §2 EVRM en art. 22, §2 IVBPR.

De bescherming van het huwelijk, het gezin en de kinderen

Art. 12 EVRM
Art. 23, §2 IVBPR
Deze artikelen waarborgen het recht om te huwen (voor partners van een verschillend geslacht).
Het oubollig geformuleerde art. 23, §1 IVBPR legt aan de overheid de positieve verplichting op om het gezin te beschermen.
Art. 24, §1 IVBPR legt aan de overheid de positieve verplichting op om kinderen te beschermen. Het ging in oorsprong om de bescherming van het kind. Sindsdien bestaat er een zelfstandig verdrag dat de rechten van het kind waarborgt, en dat gaat niet langer uit van een bescherming maar van een emancipatie van de kinderen. Ook art. 22bis GecGW han-delt over deze materie, het noemt in zeer algemene termen het “recht op eerbiediging van de integriteit”.

Politieke rechten

Art. 25 IVBPR
De politieke rechten omvatten het geheel van rechten om deel te nemen aan de openbare zaken, het runnen van de samenleving. Het betreft o.a. het recht om verkozen te worden (art. 25, b IVBPR).
De politieke rechten zijn meestal een soort waarvan men aanneemt dat de staten ze kunnen voorbehouden aan hun eigen onderdanen. Binnen de EU wordt dat evenwel doorbroken, is er een evolutie om andere EU-onderdanen ook politieke rechten te geven. Men spreekt in dit verband van het “EU-burgerschap”.

Lees verder

© 2006 - 2017 Guggenheimer, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Nationaal en Internationaal Recht in NederlandNationaal en Internationaal Recht in NederlandHet nationaal recht is natuurlijk het belangrijkste recht voor ons landje: Nederland. Echter, we zijn niet alleen aan on…
Het recht op leven in het EVRMHet recht op leven is als mensenrecht zo evident dat het soms gewoon over het hoofd wordt gezien. Toch zijn er een aanta…
Eigendomsrecht in het EVRMHet eigendomsrecht was een splijtzwam bij het tot stand komen van het Europees verdrag voor de rechten van de mens. Zij…
Vluchteling zoekt asielVluchteling zoekt asielVluchtelingen, asielzoekers, deze zijn woorden halen vaak het nieuws. Mensen die per boot, met het vliegtuig, bus, lopen…
Abolitionisme; afschaffing van de slavernijHaïti was het eerste land dat officieel de slavernij afschafte, Groot-Brittanië het tweede en Nederland één van de laats…

Reageer op het artikel "Diverse mensenrechten in het EVRM"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Guggenheimer
Gepubliceerd: 20-12-2006
Rubriek: Zakelijk
Subrubriek: Juridisch
Special: Mensenrechten EVRM
Schrijf mee!