InfoNu.nl > Zakelijk > Juridisch > Vruchtgebruik: rechten en plichten

Vruchtgebruik: rechten en plichten

Een cruciale vraag - en een essentiëel instrument om de onderscheiding te maken met andere rechtsfiguren - bij vruchtgebruik is die naar de rechten en plichten van beide partijen in de verschillende fases van het recht. Bijzondere aandacht voor het verschil tussen België en Nederland.

Rechten en plichten bij het ontstaan van vruchtgebruik

Indien de vruchtgebruiker niet over de saisine beschikt, moet hij zich in het bezit laten stellen van de goederen waarop het vruchtgebruik slaat. Als vruchtgebruiker beschik je over een zakelijke vordering en kan je deze vordering tegenover iedereen instellen. Bij lichamelijke roerende goederen zal het ‘bezit geldt als titel’- beginsel kunnen worden aangevoerd. In geval het vruchtgebruik gevestigd werd door een overeenkomst of legaat, dan beschikt de vruchtgebruiker over een persoonlijke vordering tot afgifte. Gezien de langstlevende echtgenoot de hoedanigheid van volwaardig erfgenaam heeft, neemt hij of zij van rechtswege bezit van de goederen van de nalatenschap. De afgifte zelf is aan geen bijzondere vormvereisten onderworpen en kan bijgevolg ook op stilzwijgende wijze tot stand komen.

De uitvoering van afgifte daarentegen is onderworpen aan twee voorafgaande voorwaarden. Voor Nederland komt daar een derde voorwaarde bij.

Opstellen van een inventaris
Op basis van art. 600 B.W. moeten de goederen worden beschreven. Hier wordt een onderscheid gemaakt tussen roerende en onroerende goederen. In het eerste geval wordt gesproken van een inventaris. In het tweede geval moet men een staat opstellen.

De ratio is de belangen van beide partijen veilig te stellen. Zo is het voor de naakte eigenaar interessant te bepalen wat op het einde van vruchtgebruik teruggevorderd moet worden. En op basis daarvan kan hij ook de schuldvordering bepalen. Voor de vruchtgebruiker is het ook interessant daar zijn aansprakelijkheid beperkt blijft tot datgene dat niet in orde is in vergelijking met de aanvang van het vruchtgebruik. De staat en inventaris moeten op tegenspraak opgesteld worden.

Het is een verplichting voor de vruchtgebruiker die ook de kosten voor de inventarisering draagt. Indien deze er niet om vraagt, kan men ervan uitgaan dat hij van zijn recht tot inventarisering heeft afgezien en zal zijn bewijslast verzwaard worden indien er op het einde van het vruchtgebruik schade is. De naakte eigenaar kan een inventarisering eisen en bijgevolg de afgifte opschorten bij niet vervulling. Dit heeft tot gevolg dat de uitoefening van het vruchtgebruik verlamd is. In Nederland dient deze beschrijving in beginsel notarieel te zijn. Voor de rest heeft het dezelfde taak als in België. Zo zal de hoofdgerechtigde de levering en afgifte van de goederen opschorten zolang de vruchtgebruiker deze verplichting niet nakomt.

Zekerheidstelling/borgstelling
32. De vruchtgebruiker dient zich borg te stellen om zo de naakte eigenaar te verzekeren tegen het risico van zijn insolvabiliteit. Gezien het mogelijk is dat het om hoge bedragen gaat en het niet evident is meteen een borg te vinden, mag de vruchtgebruiker ook een andere zakelijke zekerheid aanbieden.

Het is mogelijk dat de vruchtgebruiker wordt ontslaan van zijn plicht tot borgstelling. Dit kan uitdrukkelijk worden gestipuleerd of uit de aard van vestiging blijken. Enige voorwaarde is dat het zeker moet zijn. Een vrijstelling is wel uitgesloten in geval van vruchtgebruik op goederen die het voorbehouden gedeelte van erfgenamen vormen. De vrijstelling tot borgstelling is in principe onherroepelijk, maar indien er wijzigende omstandigheden zijn, wordt er aanvaard dat een borgstelling kan worden opgelegd. Deze vrijstelling is in Nederland ook veeleer de praktijk.

Een in Nederland bijkomende voorwaarde bij vestiging van recht
Er is een verplichting die rust op de vruchtgebruiker om het goed dat voorwerp uitmaakt van het vruchtgebruik te laten verzekeren. Dit wordt geëist ten behoeve van de hoofdgerechtigde ter verzekering tegen de gevaren waartegen het gebruikelijk is een verzekering te nemen. Deze verzekering moet echter wel worden onderscheiden van een verzekering waarbij de vruchtgebruik zijn eigen risico verzekert. Indien de vruchtgebruiker niet voldoet aan deze plicht, dan is de hoofdgerechtigde bevoegd een verzekering af te sluiten op kosten van de vruchtgebruiker.

Rechten en plichten tijdens het vruchtgebruik

Rechten tijdens het vruchtgebruik
De vruchtgebruiker heeft het genot van de zaak en verkrijgt de vruchten. Naast het genot, heeft de vruchtgebruiker het recht om de in vruchtgebruik gegeven zaak normaal te gebruiken. Hierbij dient hij de bestemming van de vroegere eigenaar in acht te nemen. Hij heeft geen beschikkingsbevoegdheid als dusdanig. Indien hij in gebreke blijft, zal hij op het einde een vervangende schadeloosstelling moeten betalen. De omvang van die schadeloosstelling zal dan worden berekend aan de hand van de waarde die de goederen hadden bij het begin van het vruchtgebruik. Ziehier het belang van inventarisering.

Bij zijn vrucht– en gebruiksrecht dient hij zich niet te beperken tot de eigenlijke vruchttrekking of het materieel gebruik, maar hij mag ook binnen bepaalde grenzen een zekere beheersbevoegdheid uitoefenen. Zo kan de vruchtgebruiker de in vruchtgebruik gegeven onroerende goederen verhuren of verpachten. Hierbij moet ook rekening gehouden worden met Nederland. Indien de onroerende zaak daar ten tijde van de vestiging van vruchtgebruik niet verhuurd of verpacht is, dan kan de vruchtgebruiker dit slechts verhuren mits toestemming van de hoofdgerechtigde of machtiging van de kantonrechter, tenzij hem de bevoegdheid daartoe bij de vestiging is toegekend.

Dit kan hij zolang de huurtijd de termijn van negen jaar niet overschrijdt. Typisch voor deze verhuring is dat enkel de vruchtgebruiker kan beëindigen door opzegging. Normaal zou bij het overlijden van de vruchtgebruiker, de huurovereenkomst moeten tenietgaan, maar gezien dit niet aanlokkelijk is voor een huurder, is hiervoor een speciale regeling getroffen.

De regel is dat indien de vruchtgebruiker sterft, de naakte eigenaar die volle eigenaar wordt, de huurder moet blijven dulden voor de resterende tijd die met de vruchtgebruiker werd afgesproken. Zo is er ook de regeling dat een huur-hernieuwing enkel tegenwerpelijk is aan de naakte eigenaar indien ze niet meer dan drie jaar voor het einde van de lopende huurtermijn plaatsvond. De huurovereen-komst die werd opgesteld met als doel de huurder te bevoordelen ten koste van de naakte eigenaar is het resultaat van collusie tussen de vruchtgebruiker en de huurder. De huurder begaat als medeplichtige aan het bedrog een onrechtmatige daad die wordt gesanctioneerd door het niet- tegenwerpbaarheid van de huur-overeenkomst aan de naakte eigenaar. De pachtwet voorziet niet in een dergelijk regeling, maar er is geen reden om de regeling zoals bij de huur uit te sluiten voor de pachtregeling.

Het is mogelijk om het vruchtgebruik over te dragen, waardoor hypotheek en beslag mogelijk zijn. Er moet echter wel rekening mee gehouden worden dat het overgedragen recht afhankelijk blijft van het leven van de oorspronkelijke vruchtgebruiker. Er dient wel op gewezen te worden dat de oorspronkelijke vruchtgebruiker in geval van overdracht van vruchtgebruik hoofdelijk aansprakelijk blijft samen met de opvolgende vruchtgebruiker voor verplichtingen die ontstaan zijn uit het vruchtgebruik.

Ten laatste heeft de vruchtgebruiker het recht om schuldvorderingen van het goed te innen. Door deze te innen, is er een omzetting van vruchtgebruik naar oneigenlijk vruchtgebruik. Zo dient hij op het einde van de rit deze inningen te verrekenen.

Verplichtingen tijdens het vruchtgebruik

De vruchtgebruiker dient als een bonus pater familias voor het goed te zorgen. Dit is te omschrijven als de zorgzame en omzichtige burger. Deze regel primeert op de omschrijving die in de wet wordt gegeven. De wet zegt namelijk dat men moet genieten “als eigenaar”. In tegenstelling tot wat de eigenaar mag doen, mag de vruchtgebruiker de bestaande bestemming van de zaak niet aantasten.

Indien het vruchtgebruik uit gelden bestaat, moeten op basis van de wet de gelden - in overleg met de hoofdgerechtigde vruchtdragend - belegd of in het belang van de overige aan het vruchtgebruik onderworpen goederen besteed worden.

Hij moet de zaak op het einde van de rit dan ook in zijn oorspronkelijke toestand teruggeven. Hieronder dient desgevolgens ook te worden verstaan dat hij zich moet onthouden van handelingen die de zaak zouden beschadigen of in waarde doen verminderen. Zo moeten we hieruit afleiden dat de vruchtgebruiker de zaken niet mag vervreemden. Een kleine uitzondering hierop: het oneigenlijk vruchtgebruik.

Deze vorige regeling verschilt merkelijk van het Nederlandse recht. Daar is het namelijk mogelijk dat de vruchtgebruiker een bevoegdheid krijgt om te vervreemden of verteren. Dit vanuit de achterliggende gedachte dat men van het vruchtgebruik moet kunnen leven. Het gevolg hiervan is dat de hoofdgerechtigde bij het einde van het recht slecht afgifte kan vorderen van de in vruchtgebruik gegeven goederen voor zover niet bewezen wordt dat die goederen verteerd of door toeval tenietgegaan zijn. Dit houdt zelfs in dat gebruikelijke kleine geschenken mogen gedaan worden met de in vruchtgebruik gegeven goederen.

Zoals uitgelegd bij oneigenlijk vruchtgebruik, is sinds 1992 een nieuwe regeling tot stand gekomen in Nederland. Tot voor 1992 - onder het oude recht - ging de regeling van vruchtgebruik ervan uit dat de vruchtgebruiker het vermogen op zich in stand moest houden. Deze expliciete eis van instandhouding van het vruchtgebruikvermogen is vervallen. Zo zal, indien het gaat over oneigenlijk vruchtgebruik, het vruchtgebruik bij het verbruik van het laatste goed eindigen.

In Nederland moet de vruchtgebruiker jaarlijks aan de hoofdgerechtigde een ondertekende nauwkeurige opgave zenden van de goederen die niet meer aanwezig zijn, van de goederen die daarvoor in de plaats zijn gekomen, en van de voordelen die de goederen hebben opgeleverd en die geen vruchten zijn.

De vruchtgebruiker moet zowel objectief als subjectief de bestemming van de zaak handhaven. Het objectieve kan getoetst worden aan de hand van de bonus pater familias-criteria en de subjectieve duidt erop dat de vruchtgebruiker aandacht moet hebben voor de door de eigenaar toegekende bestemming van de zaak.

Bij het niet naleven van de regels, kan de naakte eigenaar tijdens het vruchtgebruik de vruchtgebruiker dwingen tot het naleven van zijn verplichtingen. Indien de vruchtgebruiker weigert zich ernaar te schikken, kan de naakte eigenaar zich beroepen op het verval van recht. Meer zelfs, de naakte eigenaar kan onmiddellijk schadevergoeding eisen van de vruchtgebruiker indien de schade zeker is.

Onder een goed beheer verstaan we ook dat er herstellingen moeten worden gedaan waardoor de normale functionering van de zaak verzekerd wordt.

Onderscheid tussen onderhoudsherstellingen en grove herstellingen:

Onderhoudsherstellingen zijn die herstellingen die voortkomen uit normale slijtage of een toevallige gebeurtenis veroorzaakt door de vruchtgebruiker vallen ook ten laste van de vruchtgebruiker. Grove herstellingen daarentegen vallen ten laste van de naakte eigenaar, tenzij deze herstellingen voortvloeien uit het nalaten van de vruchtgebruiker. Wanneer, contractueel, de grote herstellingen moeten uitgevoerd worden ‘op kosten van’ de naakte eigenaars, is het de werkelijke uitgave die de vruchtgebruiker uit noodzaak heeft gemaakt in zijn plaats die hem moeten worden terugbetaald en niet enkel de meerwaarde.

Echter, deze terugbetaling is maar verschuldigd in zoverre deze uitgave betrekking heeft op de grove herstellingen die niet enkel nuttig maar ook noodzakelijk zijn voor haar behoud. De vruchtgebruiker kan echter de naakte eigenaar niet verplichten grove herstellingen aan het betrokken pand uit te voeren. Als de vruchtgebruiker zelf overgaat tot die herstellingen, kan hij een vergoeding vorderen van de naakte eigenaar, dit in verhouding tot de meerwaarde die het pand heeft verkregen ingevolge die werken die werken tot het einde van het vruchtgebruik . Dit zowel tijdens de periode van vruchtgebruik alsook op het einde ervan. Het gaat hier om het principe van verrijking zonder oorzaak.

Bijdrage in de lasten

De vruchtgebruiker moet alle gewone of jaarlijkse kosten en lasten van het erf dragen. Deze lasten kunnen omschreven worden als verplichtingen, opgelegd door een overheid of andere instanties.

De bijdrage in de lasten moet echter wel onderscheiden worden van de buitengewone lasten. Deze laatste zijn verplichtingen die niet op het inkomen gerekend kunnen worden. Deze rusten volledig op de naakte eigenaar met uitzondering van de interesten die de vruchtgebruiker wel moet dragen. Om deze lasten te verrekenen, kan men kiezen uit twee systemen. Ofwel betaalt de vruchtgebruiker ze gedurende het vruchtgebruik, ofwel wordt het allemaal op het einde verrekend.

De algemene vruchtgebruiker en de vruchtgebruiker onder algemene titel hebben slechts recht op de netto- opbrengst van het vermogen. Daartoe legt de wet de vruchtgebruiker de verplichting op om bij te dragen in de betaling van de rente van de schulden. Wanneer de vruchtgebruiker niet tot de gehele nalatenschap geroepen is, maar op een evenredig deel daarvan, wordt de regeling van art. 612 B.W. evenredig toegepast. De vruchtgebruiker schiet een deel van de schuld voor of betaalt het evenredige deel van de rente.

Rechten en plichten op het einde het vruchtgebruik

Rechten op het einde van het vruchtgebruik
De vruchtgebruiker kan zelf geen vergoedingen vorderen voor verbeteringen die hij heeft gedaan tijdens de periode van vruchtgebruik, zelfs al mocht de waarde van de zaak hierdoor zijn vermeerderd. Gezien dit niet tot bevordering van de initiatiefzin van de vruchtgebruiker leidde, is de Belgische rechtspraak dit gaan temperen. Zo is men gekomen tot het volgende. Bij het betalen van een schadevergoeding aan de eigenaar, mag de vruchtgebruiker de gemaakte kost in mindering brengen. Ook staat het de vruchtgebruiker vrij om de aangebrachte verbeteringen terug te nemen, voor zover hij er voor zorgt dat eigenaar zijn goed onbeschadigd terug krijgt.

In geval van kosten gemaakt voor grove herstellingen, gaat men er principieel van uit dat deze niet kunnen worden teruggevorderd. Deze stelling wordt door de rechtsleer als in de rechtspraak betwist. Zo steunen ze zich op een billijkheidsmaatregel of op het beginsel van zaakwaarneming.

In Nederland heeft de vruchtgebruiker de bevoegdheid om de aan de zaak aangebrachte veranderingen en toevoegingen zowel tijdens de duur van het vruchtgebruik als na afloop weg te nemen. Dit onder de voorwaarde dat hij de zaak terugbrengt in de oude toestand.

Verplichtingen op het einde van het vruchtgebruik

De gewezen vruchtgebruiker wordt bij het beëindigen van het recht van vruchtgebruik een detentor van andermans zaak. Hij moet te goeder trouw de zaak aan de eigenaar teruggeven. De voorwaarden waaronder de teruggave dient te worden gedaan, is afhankelijk van de aard van het ingesteld vruchtgebruik. Hier bedoelt men of het al dan verbruikbare zaken waren.

Bij het eigenlijk vruchtgebruik, moeten de goederen terugkomen in de staat waarin ze zich bevonden bij de aanvang van het vruchtgebruik. Dit dient niet strikt te worden geïnterpreteerd. Aldus moeten we verstaan dat de zaken moeten worden teruggegeven in een staat waarin ze zich, na een zorgvuldig geacht beheer, bij het einde van het vruchtgebruik zouden bevinden. De slijtage, wezenlijk aan het gebruik van een goed, moet worden geduld.

Bij het oneigenlijk vruchtgebruik, moet de vruchtgebruiker op het einde een gelijke hoeveelheid zaken van dezelfde hoedanigheid en waarde of geschatte waarde teruggeven. Dit in tegenstelling met Nederland.
© 2007 - 2014 Guggenheimer, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Vruchtgebruik: relatie vruchtgebruiker - naakte eigenaarDe relatie tussen een vruchtgebruiker en de naakte eigenaar is fragiel, mede door de vaak voorkomende simulatie waarbij…
Vruchtgebruik: essentiële kenmerkenIn dit artikel worden de essentiële kenmerken belicht van het vruchtgebruik. Bijzondere aandacht is er voor de verschill…
Vruchtgebruik: voor vruchtgebruik vatbare zakenEen cruciale vraag bij het vruchtgebruik is welke zaken ervoor vatbaar zijn. In dit artikel worden deze vraag beantwoord…
Vruchtgebruik: ontstaanDit is een special die het Nederlands en Belgisch vruchtgebruik vergelijkt. In dit artikel wordt meer bepaald het ontsta…
Wat zijn genotsrechten?Wat zijn genotsrechten?Beperkte rechten zijn rechten afgeleid uit een meer omvattend recht, die laatste is bezwaard met een beperkt recht. Bepe…

Reageer op het artikel "Vruchtgebruik: rechten en plichten"

Plaats een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Reacties

G. Beijer, 09-10-2014 02:02 #11
Mijn ouders hebben 30 jaar geleden hun huis verkocht aan hun zoon. Zij mochten in het huis blijven wonen tot hun dood. Mijn vader is in 1989 overleden en moeder is op 90 jarige leeftijd in 2014 verhuisd naar een woonzorgcentrum. Zij heeft nu een belastingaanslag gekregen van 33000 euro vanwege het vruchtgebruik. Alleen heeft moeder 30 jaar lang wel alle vaste lasten voor haar zoon betaald, zoals water, energiekosten, brandverzekering, riool en reinigingsrechten, waterschapsbelasting en zelfs de onderhoudskosten zoals schilderskosten. Dit alles is te bewijzen met de bankafschriften. Kunnen wij nu bezwaar maken bij de belasting tegen deze zeer hoge aanslag?

Kees Vermeer, 23-02-2014 08:56 #10
Ik heb het vruchtgebruik over de woning van mijn vader. Ik ben enigs kind. Hoe zit het mocht mijn vader in de toekomst overlijden? Einde vruchtgebruik? Zijn er kosten (successierechten) welke mijn kant opkomen?

Irena Cool, 12-12-2012 07:48 #9
Beste
Hoeveel Procent vruchtgebruik heeft iemand van 69 jaar as de naakte eigenaar aan die persoon verkoopt en heeft de vruchtgebruiker ook het recht om het erfenis van geld de interessen te mogen houden tot alles officieel verkocht is, dat bij mij al vijf jaar nu loopt?

Piet van Hest, 03-12-2012 22:47 #8
Beste mensen,
Mijn moeder gaat over een tijdje naar een verzorgingshuis. Ze wil het huis aan haar twee kinderen met gesloten beurs overdragen. Zolang ze niet in het verzorgingshuis woont wil ze gebruik maken van het vruchtgebruik. De woz waarde is € 200.00,00.
Moet we dit als kinderen doen?

Jm Verhoef, 29-10-2012 23:28 #7
Vruchtgebruiker doet geheel vrijwillig afstand van vruchtgebruik. Heeft deze recht op een vergoeding? Kan de vruchtgebruiker het vruchtgebruik meenemen naar de nieuwe huurwoning? Mocht de vruchtgebruiker bijv, recht hebben op 30 procent vergoeding maar neemt genoegen met 10 procent moet ik dan over 20 procent schenkingsbelasting betalen, zo ja hoeveel procent? De vruchtgebruiker is de 2e echtgenote van mijn vader. Zij geniet al 22 jaar het vruchtgebruik van de woning. En waren op huwelijkse voorwaarden getrouwd. Vruchtgebruiker is 12 jaar ouder als ik zij is 70 jaar. De woning staat op naam van mij en mijn zus. Het Jaar van aanvang vruchtgebruik was 1990 door het overlijden van mijn vader.
Welk jaar voor de WOZ-waarde wordt gehandhaafd het jaar van overlijden (1990) of het jaar van afstand vruchtgebruik?

Hartelijk dank voor Uw antwoord.

Judith Kunst, 15-09-2012 11:40 #6
Hallo, wij hebben een huis gekocht in bewoonde staat (het bloot eigendom) mijn schoonouders hielden het vruchtgebruik. Zij zouden dat opheffen als wij er wilde gaan wonen. Zij zijn er gaan wonen en zij zijn in het tuinhuis gaan wonen maar behielden het vruchtgebruik. Wij onderhouden alles en betalen ook alles. Nu willen wij weg maar kunnen het niet verkopen omdat zij het vruchtgebruik niet willen opheffen. Bij vruchtgebruik horen rechten maar toch ook plichten? Als iemand dat niet na komt kan jij dan nog wel een beroep doen op zijn vruchtgebruik?

Bollen Marie-Jeanne, 02-05-2012 16:24 #5
Hallo, ik zou graag willen weten of een persoon die het vruchtgebruik heeft van een stuk grond, dit kan verhuren. Dank bij voorbaat

Van Harderwijk, 01-04-2012 09:01 #4
Wat moet de vruchtgebruiker doen indien de rente over een bankrekeningsaldo aan het einde van het jaar niet uitbetaald wordt.

Petra, 06-03-2012 08:53 #3
Mijn vader heeft het vruchtgebruik op de woning die mijn man en ik gekocht hebben en mijn vader woont bij ons in. Nu wil mijn vader elders gaan samenwonen, vervalt dan zijn vruchtgebruik op de woning?

Chris, 05-02-2011 12:12 #2
Wij hebben als kinderen een erfenis (geldbedrag) ontvangen van een oud oom. Onze ouders hebben tot hun dood het vruchtgebruik gekregen. Nu zouden wij graag een verbouwing willen laten doen aan ons huis en hiervoor geld uit ons blote eigendom daarvoor gebruiken. Als wij onze ouders de rente betalen die zij anders van de bank hadden gekregen, is dat dan mogelijk op deze manier. Aan het einde van het vruchtgebruik (als beide ouders zijn overleden) is ons deel van de het bloot eigendom kleiner geworden. Is dit mogelijk?

Peter, 20-01-2011 09:00 #1
Mijn moeder heeft al 30 jaar het vruchtgebruik van een woning tot haar dood.
Een beleggingsmaatschappij is eigenaar.
Er is nogal wat achterstallig onderhoud.
Indien mijn moeder overlijdt wordt dan haar erfenis aangesproken, en als dat niet voldoende is zijn de kinderen dan aansprakelijk?
En als de kinderen van de erfenis afzien, zijn zij dan niet meer aansprakelijk?

Infoteur: Guggenheimer
Rubriek: Zakelijk
Subrubriek: Juridisch
Reacties: 11
Schrijf mee!