Juridisch en Integratie

Beginselen van Europees sociaal en economisch recht

Het Europees recht wordt in belangrijke mate gevormd door uitspraken van de Europees Hof in Luxemburg. Een aantal essentiële principes zijn naar voor geschoven als grondslagen van de Europese eenmaking.


Interne markt en marktintegratie

Douane-unie, vrijhandelzone, mededingingsrecht, staatsbelemmeringen wegwerken... Deze principes worden elders exhaustief uitgewerkt.

Gelijkheidsbeginsel

Non-discriminatie op grond van nationaliteit, geslacht... (e.a.: zie art. 141 EG-verdrag). De belangrijkste:
  • Art. 12 (algemeen principe) : Binnen de werkingssfeer van dit Verdrag en onverminderd de bijzondere bepalingen,
  • daarin gesteld, is elke discriminatie op grond van nationaliteit verboden.
  • Art. 39 (werknemers) : Het verkeer van werknemers binnen de Gemeenschap is vrij. Dit houdt de afschaffing in van elke discriminatie op grond van de nationaliteit tussen de werknemers der lidstaten, wat betreft de werkgelegenheid, de beloning en
  • de overige arbeidsvoorwaarden.
  • Art. 43 (vestiging), art. 49 (diensten),...

Subsidiariteit: art. 5, lid 2

Op gebieden die niet onder haar exclusieve bevoegdheid vallen, treedt de Gemeenschap, overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel, slechts op indien en voorzover de doelstellingen van het overwogen optreden niet voldoende door de
lidstaten kunnen worden verwezenlijkt en derhalve vanwege de omvang of de gevolgen van het overwogen optreden beter door de Gemeenschap kunnen worden verwezenlijkt.
  • De Unie mag niet optreden in met zaken die beter door particulieren kunnen worden geregeld. Men moet aantonen dat actie op gemeenschapsniveau (1) niet door de lidstaten kan worden uitgevoerd en (2) tot betere resultaten kan leiden
  • motiveringsplicht die rust op de Europese wetgever
  • Typisch voorbeeld : milieu

Proportionaliteit, eveneens art. 5, lid 3 :

Het optreden van de Gemeenschap gaat niet verder dan wat nodig is om de doelstellingen van dit Verdrag te verwezenlijken.
  • Het optreden van de gemeenschap gaat niet verder dan nodig om het doel te bereiken. De maatregel moet proportioneel zijn tov de doelstelling
  • Bv. verbod invoer van onveilig speelgoed als het met een simpelee waarschuwing vermeden kan worden, dan is die verbodsmaatregel disproportioneel.

Loyale samenwerking of gemeenschapstrouw, art. 10 :

De lidstaten treffen alle algemene of bijzondere maatregelen welke geschikt zijn om de nakoming van de uit dit Verdrag of uit handelingen van de instellingen der Gemeenschap voortvloeiende verplichtingen te verzekeren. Zij vergemakkelijken de
vervulling van haar taak.
Zij onthouden zich van alle maatregelen welke de verwezenlijking van de doelstellingen van dit Verdrag in gevaar kunnen brengen.
Dus twee aspecten :
  • 1e lid, positief : de lidstaten moeten meewerken (actief) om dee doelstellingen van art. 2 en 3 EG te bereiken.5
  • 2e lid, negatief : onthouden van maatregelen die doelstellingen belemmeren

Zie over de loyaliteitsvereiste het basisarrest Schmidberger (C-112/00):
  • Feiten : Groep milieuactivisten bezetten de Brennerpas; Schmidberger (autobedrijf) kan vrachtwagens niet meer laten rijden. Bijkomende moeilijkheid : het was niet de Oostenrijkse Staat die bezette, maar ze had wel toestemming gegeven.
  • Rechtsvragen aan HvJ : is dit een inbreuk op vrij verkeer in Oostenrijk? Is dit in strijd met Art. 10, lid 1? De overheid belemmerde niet rechtstreeks het vrije verkeer, wel onrechtstreeks door de toestemming aan particulieren te geven. Zou de overheid dan onrechtstreeks aansprakelijk kunnen worden gesteld voor het deloyaal samenwerken? (opm. Oostenrijk kan niet worden aangesproken op grond van art. 28/29 EG – in- en uitvoerbeperkingen -, want zij heeft zelf geen rechtstreekse maatregelen genomen om het verkeer te belemmeren; milieugroepering niet onderworpen aan art. 28 en 29).
  • Redenering HvJ :
    • Belemmering van vrij goederenverkeer? Ja
    • Art. 28 verbiedt niet enkel belemmeringen (rechtstreeks) door de overheid maar ook het feit dat de overheid nalaat de gepaste maatregelen te nemen (onrechtstreeks)
    • Vrijheid van meningsuiting (van de activisten) versus vrij goederenverkeer (bedrijf)  Hof: “de vrije meningsuiting moet bovenhand krijgen.” We moeten namelijk afwegen of het middel tot vrije meningsuiting niet disproportioneel is in vergelijking met het doel (proportionaliteitsvereiste). Zie rechtsoverweging 82 : "De bevoegde autoriteiten beschikken daarbij over een ruime beoordelingsbevoegdheid. Niettemin moet worden nagegaan of de beperkingen op het intracommunautaire handelsverkeer evenredig zijn aan de nagestreefde legitieme doelstelling, in casu de bescherming van de grondrechten."
  • Conclusie : (1) lidstaten kunnen samen met particulieren aan oorsprong van belemmeringen liggen en (2) er zijn rechtvaardigingsgronden.
© 2007 - 2009 Guggenheimer, gepubliceerd in Juridisch (Zakelijk) op 20-03-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Guggenheimer is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Beginselen van Europees sociaal en economisch recht"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.