
Rechten van de werknemer bij overgang van een onderneming
Afdeling 8 Titel 10 van Boek 7 BW behandeld de artikelen 662 t/m 666 en handeld over de rechten van de werknemer bij overgang van de onderneming.
Afdeling 8. Rechten van de werknemer bij overgang van een onderneming
Artikel 662 (BW)
1. In afwijking van artikel 615 is deze afdeling ook van toepassing op de werknemer die arbeid verricht in een onderneming die in stand wordt gehouden door staat, provincie, gemeente, waterschap of enig ander publiekrechtelijk lichaam.2. Voor de toepassing van deze afdeling wordt verstaan onder:
a. overgang: de overgang, ten gevolge van een overeenkomst, een fusie of een splitsing, van een economische eenheid die haar identiteit behoudt;
b. economische eenheid: een geheel van georganiseerde middelen, bestemd tot het ten uitvoer brengen van een al dan niet hoofdzakelijk economische activiteit.
3. Voor de toepassing van deze afdeling wordt een vestiging of een onderdeel van een onderneming of vestiging beschouwd als een onderneming.
Artikel 663 (BW)
Door de overgang van een onderneming gaan de rechten en verplichtingen die op dat tijdstip voor de werkgever in die onderneming voort vloeien uit een arbeidsovereenkomst tussen hem en een daar werkzame werknemer van rechtswege over op de verkrijger. Evenwel is die werkgever nog gedurende een jaar na de overgang naast de verkrijger hoofdelijk verbonden voor de nakoming van de verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst, die zijn ontstaan voor dat tijdstip.Artikel 664 (BW)
l. Artikel 663, eerste volzin, is niet van toepassing op rechten en verplichtingen van de werkgever die voortvloeien uit een toezegging omtrent pensioen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, van de Pensioen- en spaarfondsenwet indien:a. de verkrijger aan de werknemer, bedoeld in artikel 663, dezelfde toezegging doet, die hij reeds voor het tijdstip van overgang heeft gedaan aan zijn werknemers;
b. de verkrijger op grond van artikel 2 van de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000, verplicht is deel te nemen in een bedrijfstakpensioenfonds en de werknemer, bedoeld in artikel 663, gaat deelnemen in dat fonds;
c. bij collectieve arbeidsovereenkomst of bij regeling door of namens een daartoe bevoegd bestuursorgaan is afgeweken van de toezegging omtrent pensioen, bedoeld in de aanhef.
2. Het eerste lid is niet van toepassing indien de werknemer, bedoeld in artikel 663, voor de overgang op grond van artikel 2 van de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000, verplicht is deel te nemen in een bedrijfstakpensioenfonds en deze zelfde verplichting blijft gelden na de overgang.
3. Artikel 663, eerste volzin, is niet van toepassing op rechten en verplichtingen van de werkgever die voortvloeien uit een spaarregeling als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Pensioen- en spaarfondsenwet indien de verkrijger de werknemer, bedoeld in artikel 663, opneemt in de spaarregeling die reeds voor het tijdstip van overgang gold voor zijn werknemers.
Artikel 665 (BW)
Indien de overgang van een onderneming een wijziging van de omstandigheden ten nadele van de werknemer tot gevolg heeft en de arbeidsovereenkomst deswege wordt ontbonden ingevolge artikel 685, geldt zij met het oog op de toepassing van lid 8 van dat artikel als ontbonden wegens een reden welke voorrekening van de werkgever komt.Artikel 665 (BW)
Indien in een onderneming geen ondernemingsraad is ingesteld, noch een personeelsvertegenwoordiging is ingesteld krachtens artikel 35c, eerste lid, of artikel 35d, eerste lid, van de Wet op de ondernemingraden, stelt de werkgever de eigen werknemers die betrokken zijn bij de overgang van de onderneming tijdig in kennis van:a. het voorgenomen besluit tot overgang;
b. de voorgenomen datum van de overgang;
c. de reden van de overgang;
d. de juridische, economische, en sociale gevolgen van de overgang voor de werknemers,en
e. de ten aanzien van de werknemers overwogen maatregelen.
Artikel 666 (BW)
1. De artikelen 662 t/m 665 en art. 670 lid 8 zijn niet van toepassing op de overgang van een onderneming indien de werkgever in staat van faillissement is verklaard en de onderneming tot de boedel behoort.2. Deze afdeling is niet van toepassing met betrekking tot de bemanning van een zeeschip.
Zie ook:
- Algemene bepalingen
- Loon
- Vakantie en verlof
- Gelijke behandeling
- Bijzondere bepalingen
- Verplichtingen werkgever
- Verplichtingen van de werknemer
- Einde arbeidsovereenkomst
- Handelsvertegenwoordigers
- De uitzendovereenkomst
Verwante artikelen
- Gevolgen overdracht v/e onderneming voor werknemers: "De overdracht van een onderneming bij gerechtelijk akkoord" is een special die focust de zeer specifieke situatie waarbij men het gerechtelijk akkoord af…
- Enkele bijzondere verplichtingen van de werknemer: Afdeling 7 Titel 10 Boek 7 BW behandeld de artikelen 659 t/ 661 en handeld over enkele bijzondere verplichtingen van de werknemer. Deze komen er in het kort…
- Ontslag van rechtswege: Een ontslag kan ook plaatsvinden van rechtswege. De arbeidsovereenkomst wordt geëindigd zonder dat daartoe een partij iets voor hoeft te doen. Dit kan gelegen zijn in een ontbindende…
- Bijzondere bepalingen ter zake van de uitzendovereenkomst: Afdeling 11 Titel 10 Boek 7 BW behandeld de artikelen 690 t/m 691 en betreft een tweetal bijzondere bepalingen inzake de uitzendovereenkomst.
- Verplichtingen Werknemer: Een werknemer heeft bepaalde rechten, maar ook een aantal wettelijke verplichtingen. Het Burgerlijk Wetboek regelt de verplichtingen van de werknemer in een aantal korte artikelen (…

Reageer op het artikel "Rechten van de werknemer bij overgang van een onderneming"

Het ligt in de lijn der verwachting dat mijn functie overgaat naar even ander bedrijf. Daarop zou de Wet Overgang van Onderneming van toepassing zijn. Onze situatie is als volgt. 'het ligt in de lijn der verwachting dat uw functie op enig moment overgaat. Over de overgang zullen nog nadere afspraken worden gemaakt. Bij de Ondernemingsraad zal te zijner tijd een adviesaanvraag worden ingediend. Het is nog niet bekend wanneer dit zal plaatsvinden'. Voor de rest van de medewerkers is een sociaal plan van toepassing in verband met de bedrijfsbeëindiging in 2012.
Ik ben van mening dat ook ik aanspraak zou moeten kunnen maken op het sociaal plan gegeven de onduidelijkheid die de werkgever laat bestaan ten aanzien van mijn mogelijke overgang naar de nieuwe werkgever. Weet u of er dienaangaande regelgeving of jurisprudentie bestaat?

