Juridisch en Grondwet

Conflicten tussen de regeringen

Door de ingewikkelde staatsstructuur na de staatshervormingen is communicatie en overleg belangrijker dan ooit. De communautaire conflicten mogen dan al niet bloedig zijn, ze zijn daarom niet minder heftig. Men heeft getracht dergelijke conflicten te vermijden. Wanneer het conflict toch ontstaat, is een regeling voorzien.


Men onderscheidt twee soorten conflicten: belangenconflicten en bevoegdheidsconflicten.

1 Belangenconflicten

Belangenconflicten kunnen opgeworpen worden door een parlementaire vergadering of door een regering, afhankelijk van welke instelling de bestreden beslissing heeft genomen.

De gemeenschappen en gewesten moeten de federale loyauteit (“Bundestreue”) respecteren. Dit principe eist dat men zijn bevoegdheden uitoefent in het licht van de Belgische staat. De entiteiten zijn geen eilandjes en moeten dus oog hebben voor elkaar. Het is niet bedoeld als een juridische regel, veeleer als een richtsnoer. Niettemin zou het Arbitragehof in dat beginsel toch enig juridisch belang kunnen hechten. Hier is een evolutie merkbaar. Het Arbitragehof heeft gesteld dat het vertaald wordt in juridische beginselen, zoals het evenredigheidsbeginsel.

Voor het voorkomen en regelen van belangenconflicten verwijst art. 143 § 2 GecGW naar de bijzonderewetgever om een regeling uit te werken. De Senaat moet daarbij betrokken worden. Voorlopig is er een systeem in een gewone wet, maar dat is slechts een overgangsregeling.

2 Bevoegdheidsconflicten

Bevoegdheidsconflicten zijn conflicten die gaan om het niet-eerbiedigen van de bevoegdheidsregels. Een bepaalde overheid heeft die regels overtreden.

Voor het voorkomen en regelen van deze conflicten voorziet art. 141 GecGW dat een wet de procedure vaststelt om conflicten te voorkomen (en dus geen bijzondere wet).
De wetgever heeft bepaald dat er nauwelijks een speciale regeling moet zijn: de Raad van State afd. Wetgeving onderzoekt nu reeds wetteksten en kan dan ook de bevoegdheid onderzoeken.

Zie ook art. 3 § 1-2 RvST-wet. Het betreft de gewone regeling inzake adviezen van de Raad van State. Er is wel iets wat erbij komt: de paragrafen 3 en 4, specifiek voor het advies dat zegt dat een bevoegdheid overschreden wordt. In dat geval moet er een overleg gebeuren in het overlegcomité. Dat moet advies geven of er al dan niet een bevoegdheidsoverschrijding voorligt. Met andere worden, een politiek orgaan dat een juridisch advies geeft…
Deze procedure is dode letter gebleven. Wanneer na de Raad van State het overlegcomité aan het woord komt, neemt het nooit zo’n beslissing: de keuze is dan aan de initiatiefnemer van het bestreden voorstel, of hij wil het risisco lopen en het voorstel toch indienen.

Het conflict kan zich pas stellen als de te bestrijden regeling aangenomen is (i.t.t. bevoegdheidsconflicten).
Voor een wet is er het beroep bij en de prejudiciële vraag aan het Arbitragehof.
Voor een akte van een administratieve overheid is er normaal de gewone rechter (o.b.v. exceptie van illegaliteit) en het beroep tot nietigverklaring bij de Raad van State.

Ook hier is er dus geen bijzondere procedure voozien: het woord is aan het Arbitragehof of aan de Raad van State, zoals altijd.
© 2007 - 2009 Guggenheimer, gepubliceerd in Juridisch (Zakelijk) op 03-01-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Guggenheimer is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Conflicten tussen de regeringen"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.